IMG_1414.jpg100_0804.jpgIMG_0179.jpgIMG_1178.JPGIMG_1428.JPGIMG_1337.JPG

Willem Oltmans

Willem Oltmans (1925-2004)

In bijna alles was Willem Oltmans het tegendeel van de gemiddelde Nederlandse journalist. Zijn verschijning, zijn onderwerpkeuzes en het rumoer dat hij veroorzaakte weken af van de brave norm.

Bron onderstaand artikel: De Groene Amsterdammer

woensdag 25 september 1996

Oltmans geeft nooit op

Reeds vijf jaar procedeert Willem Oltmans tegen de Staat der Nederlanden. Verleden week zorgde dat voor wereldnieuws: prins Bernhard onderhandelde in het geheim met Soekarno over Nieuw-Guinea. Oltmans: 'Ik ga door totdat alle leugens zijn ontrafeld.' In november verschijnt deel 6 van de memoires van Willrm Oltmans bij de Papieren Tijger, handelende over de jaren 1961-1963. HET HOF VAN JUSTITIE in Den Haag, verleden week donderdag. 'Wilt u mij geen rund in folio meer noemen, meneer Oltmans?' mompelt Hans van den Broek. Strak voor zich uit kijkend zit de gewezen minister van Buitenlandse Zaken voor de rechter.

door Rene Zwaap

Na Ruud Lubbers, Arthur Docters van Leeuwen, Chris van der Klaauw, Max van der Stoel en vele anderen is het zijn beurt om als getuige op te treden in het nu reeds legendarische marathonproces van Willem Oltmans versus de Staat der Nederlanden. Het is spitsroeden lopen voor Van den Broek, tegenwoordig werkzaam bij de Europese Commissie in Brussel. Pal naast hem, bijna over hem heen gebogen, staat Willem Oltmans, en deze bijt hem de ene na de andere verwensing toe, variërend van 'schoft' tot 'schijnheil'. Het publiek geniet zienderogen. Oltmans' onmiskenbare gevoel voor show maken het toch al opzienbarende proces tot een attractie van de eerste orde. En niet alleen Van den Broek heeft het er moeilijk mee. 'Laat mij nu even', protesteert Oltmans raadsvrouwe Ellen Pasman als zij luidkeels door haar cliënt wordt onderbroken.
Even later wordt het landsadvocaat Den Hertog te gortig. 'Houdt nu uw mond, meneer Oltmans', klinkt het snibbig. Daarna volgt de onderzoeksrechter: 'Ik eis van u dat uw deze zittingsdag niet meer het woord "schoft" in de mond neemt. Ik herhaal: dat geldt alleen maar voor vandaag.' 'Maar Hans kent de stukken stukken niet, en zit dus te liegen', snauwt Oltmans terug.
Het proces sleept zich al vijf jaar voort en het einde is nog lang niet in zicht. Naar een berekening van Willem Breedveld in Trouw heeft het proces de staat reeds 1,8 miljoen gulden gekost. Oltmans heeft naar eigen zeggen minstens vijftig namen op zijn lijst van nog te dagen personen staan. Onder wie prinses Margriet, die bij een eerdere gelegenheid verstek liet gaan. Tijdens een officieel bezoek aan Canada, alwaar Oltmans aanwezig was als speciale royalty-verslaggever van Story, had de prinses zich tegenover de RVD-medewerkster laten ontvallen: 'Waarom was het ook alweer dat wij niet van Oltmans mochten houden?' Hetgeen voor de goede verstaander duidde op een stelselmatig anti-Oltmansscenario van de kant van de RVD. Reden voor Oltmans om de prinses onder ede te willen horen. 'Desnoods laat ik haar halen door de marechaussee', zegt hij.
DE INZET VAN het proces is een eis tot schadevergoeding van 2,8 miljoen gulden voor de 71-jarige journalist, vanwege 'veertig jaar getreiter en gesar van het ministerie van Buitenlandse Zaken'. Oltmans beschikt over een vuistdik dossier aan correspondentie van het ministerie, met tal van briefjes van Joseph Luns, zijn ambassadeurs en hun opvolgers. Daaruit blijkt glashard dat hij sinds de jaren vijftig het onderwerp van strikte observatie is geweest bij het ministerie. Als free lance-correspondent in Indonesië, de Verenigde Staten en Zuid-Afrika werd Oltmans op alle manieren tegengewerkt. In zijn boek Vogelvrij (1992) publiceerde Oltmans al een keur uit deze verzameling 'hate-mail', die hij op bijzondere voorspraak van Beatrix in handen kreeg. Oltmans haalde de onvoorwaardelijke gramschap van Luns op zijn hals door in de Nieuw-Guineacrisis van de jaren vijftig de zijde van Soekarno te kiezen. In de onderschepte correspondentie rept Buitenlandse Zaken in 1957 van 'Oltmans' mateloze tot in het absurde verering voor Soekarno'. Het favoriete wapen van Luns c.s. bestond uit smeekbeden aan de Amerikaanse regering om Oltmans een werkvergunning te onthouden. Dat Oltmans op alle manieren is tegengewerkt, staat zo buiten kijf. De vraag is nu welke compensatie daar tegenover moet staan. Op 11 augustus 1994, tijdens een persoonlijk onderhoud met Oltmans in het torentje, bood Ruud Lubbers een schadevergoeding van een ton aan, plus een regeling waarmee de journalist in de AOW zou kunnen komen. Tegenover de rechter-commissaris noemde Lubbers de wijze waarop Buitenlandse Zaken met Oltmans was omgesprongen 'een onverkwikkelijke zaak'. Het schikkingsvoorstel was Lubbers' laatste daad als premier. 'Dan kunt u weer een vleugel kopen', zei hij bij die gelegenheid. Oltmans ging niet op het aanbod in. 'Die ton was ik alleen al kwijt voor de postzegels', liet hij de premier weten. De Nederlandse Vereniging van Journalisten kwam op basis van een schatting van gederfde inkomsten op een bedrag van 2,8 miljoen. 'Onder de zes nullen ga ik in ieder geval niet zitten', zegt Oltmans nu.
HET PROCES IS inmiddels uitgegroeid tot een evenement waarbij de gehele Nederlandse (post)koloniale politiek sinds de Tweede Wereldoorlog aan een nadere analyse wordt onderworpen. Daarbij komen zeer behartenswaardige dingen naar boven. Zoals het relaas van de Indonesische oud-diplomaat Bob Tapiheru. Tapiheru vertelde tussen neus en lippen door dat prins Bernhard eind april 1961 een supergeheime missie naar de Verenigde Staten ondernam om met John F. Kennedy een regeling te treffen voor de overdracht van het rijksdeel Nieuw-Guinea aan Indonesie. Daarmee handelde de prins geheel tegen de lijn-Luns in. Tapiheru vertelde van 'een CIA-vriendinnetje' te hebben gehoord dat Luns in zijn streven om het land der papoea's voor Nederland te behouden, vooral handelde in naam van de 'Vaticaan-maffia'. Deze zou in Nieuw-Guinea een geschikte basis hebben gezien om het katholicisme in de Indonesische archipel te verspreiden. De latere problemen van Bernhard bij het Lockheed-schandaal zouden een uitvloeisel zijn van de haat die de prins bij de 'lunsianen' over zich had afgeroepen door zich met aartsvijand Soekarno af te geven.
Tapiheru wilde voorts nog kwijt dat het Soekarno was die succesvol had bemiddeld tussen Kennedy en Chroesjtsjov in de Cuba-crisis. Het meest geheime deel van de ontmoeting tussen John F. Kennedy en Soekarno vond plaats in de presidentiële slaapkamer van het Witte Huis, de enige plek waar de Soekarno zich vrij voelde van afluisterapparatuur. Aldaar had Soekarno Kennedy op diens verzoek uitgelegd 'waar hij stond in de Koude Oorlog'. 'Wij Indonesiërs hebben de aarde van een derde wereldoorlog gered', zo citeerde Tapiheru de woorden van Soekarno.
Voor Oltmans komt Tapiheru's ontboezeming als een godsgeschenk. 'Eerder dit jaar noemde ik de slaapkamerontmoeting van Kennedy en Soekarno al in mijn boek Mijn vriend Soekarno en in een omslagartikel voor HP/De Tijd', vertelt hij een dag na de zitting. 'Maar toen kwam die naijverige Jaap van Heerden in zijn NRC Handelsblad-column met de grove beschuldiging dat ik maar wat uit mijn duim zat te zuigen en dat het toch allemaal maar onbewijsbaar was. Die vent krijgt nu ook lik op stuk.' Het is inderdaad wereldnieuws wat Tapiheru te berde bracht, ook omdat de diplomaat gegevens aandroeg over het geheime gesprek tussen Bernhard en Soekarno in het huis van Robert Kennedy. De Rijksvoorlichtingsdienst trachtte de zaak gelijk af te dempen met de mededeling dat 'de prins zich dit niet meer kan herinneren', iets wat Bernhard ook al gebeurde toen kortgeleden zijn NSDAP-lidmaatschap aan de orde kwam. De RVD ventileerde daarnaast het vermoeden dat er iets schortte aan het geheugen van Tapiheru. Ook premier Kok werd tijdens zijn wekelijkse persconferentie over Tapiheru's ontboezeming over Bernhard gepolst. 'Het wordt me duidelijk dat de pers steeds meer te weten komt', was het enige dat deze er kwijt over wilde.
DE GETUIGENIS VAN Van den Broek leverde aanmerkelijk minder op. Dat lag in de lijn der verwachting. Al bij binnenkomst in het gerechtsgebouw liet de Europese commissaris weten dat het hier 'een non-zaak' betrof. Tegenover de rechter ontkende de ex-minister dat er op het ministerie van Buitenlandse Zaken zoiets bestond als een speciale Oltmans-instructie: 'Voor mij was Oltmans een non-persoon'. Hetgeen niet erg rijmde met een brief van secretaris-genraal Bot van Buitenlandse Zaken, die op 12 december 1991 nog een brief aan Luns ('Waarde Joseph') schreef waarmee deze op de hoogte werd gehouden van 'de laatste ontwikkelingen in de zaak-Oltmans'.
Ook weersprak Van den Broek enige betrokkenheid van zijn ministerie bij de uitzetting van Oltmans uit Zuid-Afrika in 1992. Oltmans is ervan overtuigd dat hij zijn appartement in Johannesburg moest verlaten omdat de Nederlandse autoriteiten hem bij de Zuidafrikaanse inlichtingendienst hadden 'aangegeven' als een CIA-agent. Van hooggeplaatste Zuidafrikanen, in een later stadium voor het Haagse gerecht te dagen, ontving hij informatie in deze richting. Voordien waren zijn connecties met het Zuidafrikaanse bestuur uitstekend. Zo was Oltmans de eerste Nederlandse journalist die door president De Klerk werd ontvangen. Oltmans: 'De Nederlandse regering heeft me Zuid-Afrika uitgejaagd, terwijl ze op hetzelfde moment voor een terrorist als Klaas de Jonge een aantal miljoenen uittrokken en alles hebben gedaan wat in hun vermogen lag.'
VEERTIG JAAR dissidente journalistiek in het Koninkrijk der Nederlanden vinden in het proces hun bloeiende hoogtepunt. Het is de wraak van een journalist die zich sinds de dood van Wim Klinkenberg als een absolute 'Einzelgänger' beschouwt. 'Het proces is bedoeld om de sabotage van Buitenlandse Zaken jegens mij boven tafel te krijgen', aldus de eiser. 'De waarheid moet gered worden, op de valreep. Straks zijn alle betrokkenen dood.'
Gaandeweg wierp het proces ook al vruchten af. Zoals een hereniging van Oltmans met zijn oude Nijenrode-makker Henk Hofland, enige tijd geleden ook als getuige gedaagd. Hofland en Oltmans raakten vervaarlijk gebrouilleerd nadat Hofland in januari 1972 een fotograaf van De Telegraaf had binnengeloodst in huize Oltmans, alwaar deze op dat moment een ontmoeting orkestreerde tussen enkele Russische diplomaten en vertegenwoordigers van de Nederlandse journalistiek. De foto's die De Telegraaf de volgende dag publiceerde, zorgden voor nieuwe munitie van het veelkoppige anti-Oltmansfront. Oltmans: 'Het was een rotstreek van Henk. Hij had die fotograaf bij me naar binnen weten te lozen met praatjes over wat voor lekker blond joch dat wel niet was. Onvergeeflijk. Daarna heb ik hem toch nog credit gegeven. Maar in 1990, toen hij me voor de zoveelste keer de loze belofte had gedaan dat hij iets over mijn zaak zou schrijven, zette ik een definitieve streep achter onze vriendschap. Ik was echter blij verrast dat Henk later op verzoek van mijn advocate wilde getuigen bij mijn proces. Toen pinkte ik toch een traantje weg en barstte dat enorme veld van herinneringen weer open. Ik moest weer denken aan onze jaren op Nijenrode. We waren kamergenoten. Ik was als een baboe voor hem. Moeder Hofland schreef me briefjes: "Zorg je ervoor dat er iedere avond een appeltje ligt op Henk's bed?"
Nu staan we weer op goede voet en zien we elkaar regelmatig. We hebben toch veel gemeen, kijken allebei op dezelfde manier tegen deze bananenmonarchie aan. Verleden week zei hij nog tegen me dat we een monarchistische partij zouden moeten starten. Beatrix is bij negenennegentig procent van de bevolking innig geliefd, dus we zouden gelijk de grootste partij van Nederland worden en de aanval kunnen openen op het Haagse geteisem dat Beatrix nu al jaren stelselmatig zit voor te liegen. Op zich geen slecht idee, vind je niet? En die kwestie met die Telegraaf-jongen? Ach, tijdens het proces noemde Henk die zaak de stomste streek uit zijn leven. Met die omschrijving kan ik leven.'
HET VUUR VAN Oltmans legendarische rancune richt zich momenteel vooral op secretaris Hans Verploeg van de Nederlandse Journalistenbond (NVJ). Aanvankelijk was de NVJ geheel op de hand van Oltmans. De bond betaalde de kosten van Oltmans' proces tegen de staat, terwijl Verploeg zoals gezegd zelf de hoogte van de eis berekende. Naarmate het proces zich voortsleepte, werd de houding van Verploeg volgens Oltmans 'als de winden rond het meer van Genève, die iedere uur veranderen. Er is geen pijl op te trekken'. Oltmans: 'Ik beschik over bewijzen dat Verploeg als puntje bij paaltje komt in de zak van de landsadvocaat zit, zoals mijn advocaat mr. Vermeer al in 1993 tegenover de onderzoeksrechter heeft laten weten. Verploeg heeft letterlijk gezegd dat ik eerst op de knieën moet voor Buitenlandse Zaken voordat er werkelijk zaken kunnen worden gedaan. Wat is dat nu voor shit-opmerking?
Dan is er een brief van Verploeg aan landsadvocaat Den Hertog, gedateerd 4 augustus 1994. Daarin schrijft Verploeg onder meer dat een bepaalde passage van een brief van hem aan Den Hertog niet mag worden opgenomen in een brief van de landsadvocaat aan mijn raadsheer. I smell a rat, zeg ik dan. Verploeg zei ook dat geen resultaat in de zaak-Oltmans ook een resultaat is. Hij wil er gewoon van af. Het NVJ-bestuur dreigde op 2 juli dit jaar de steun aan mij te staken als ik verder ging met het in de publiciteit brengen van mijn zaak. Ze waren vooral erg geschrokken van een interview in de Nieuwe Revu, waarin ik het gedrag van Docters van Leeuwen vergeleek met dat van een Gestapo-chef. Ik vind dat nog steeds een uiterst adequate omschrijving. Ik laat me door niemand de les lezen, zeker niet door meneer Verploeg, de buikspreekpop van Van Mierlo's advocaat Den Hertog. Vergeet niet dat ik nu strijd tegen Van Mierlo, die dank zij zijn ambtenaren gewoon absoluut niet weet hoe de zaak in elkaar zit. Vandaar dat ik Verploeg op 5 juli jongstleden heb laten weten dat ik geen prijs meer stel op NVJ-steun. Ik start een eigen fonds, waar sympathisanten dan op kunnen storten. Van de chantagemethoden van de NVJ heb ik mijn buik vol. Verploeg reageerde met de vraag of ik nu ook van plan was om mijn NVJ-lidmaatschap op te zeggen. Ik heb hem geantwoord dat ik ook mijn Nederlanderschap niet heb opgezegd toen Luns in 1956 zo idioot tegen mij begon te doen. En wat doet Verploeg vervolgens? Die eist bij haar werkgever dat Ellen Pasman wordt teruggetrokken als mijn advocate, wat zou kunnen betekenen dat dit kantoor andere grote NVJ-opdrachten zou kunnen mislopen wanneer niet aan deze eis wordt voldaan.
Maar goed, ik heb nu net een noodfax gestuurd aan Ruud Lubbers met de vraag of hij niet als speciaal bemiddelaar wil optreden in deze zaak. Lubbers ziet de ernst van de kwestie tenminste in, in tegenstelling tot dat driftige baasje van een Kok, die het presteerde om een van mijn pamfletten op de grond te smijten toen hem dat werd aangeboden. Mijn laatste hoop is eigenlijk op Lubbers gevestigd, de enige politicus die het handelen van Luns tenminste heeft durven veroordelen. Daarbij wordt Lubbers natuurlijk gesouffleerd door Beatrix, die me na aan het hart ligt, al was het alleen maar omdat we zijn opgevoed door dezelfde speciale lerares, mejuffrouw Büringh-Boekhoudt, die zowel voor de majesteit als mijzelf een soort godmother is geweest. Kijk, de monarchie is natuurlijk een volstrekt anachronistische aangelegenheid, maar zo zachtjes aan is Beatrix nog de enige bestuurder in dit land waar je als waarheidslievend burger nog iets van te verwachten hebt. De rest liegt en bedriegt. Daar zal mijn volgende brochure, die heden is verschenen bij uitgeverij De Papieren Tijger, dan ook over gaan. Die heet: Liegen tegen Beatrix.


Wikipedia:

NL


volledig scherm?.... > klik hier!


UK


volledig scherm?.... > klik hier!